Trans Rockies - Canada

10-16 augustus

Wat vooraf ging.

In de winter van 2008 besloten Erik en ik om naar Canada te trekken. Yves en Martin gingen er het 2de team vormen. Na heel wat trainen en erover praten was het bijna zover.

Een weekje voor het vertrek gingen Erik en ik nog eens goed de fiets testen, om zo voor geen onaangename verrassingen te staan in het verre Canada. Na een uurtje fietsen nam Erik voor de 2de keer een korte steile helling. Opnieuw kwam hij net niet boven en moest zich reppen om niet naar beneden te vallen. Met als gevolg, een ferme kramp. Dat dachten we toch. Erik bleef pijn hebben en kon zijn voet niet meer bewegen. Dan maar naar de dokter om een diagnose te stellen. Het was geen kramp, maar een spierscheur! Ongeloof alom! Het kon toch niet waar zijn, maar het was keiharde realiteit. Erik kon onmogelijk vertrekken en ik kon (wilde) het maar niet vatten. Wat nu? Erik spoorde me aan om toch te gaan en eventueel iemand anders mee te nemen. Ik heb dan verschillende mensen gecontacteerd, maar niemand kon zich nog vrij maken. Na contact te hebben gehad met de organisatie, besloot ik dan om samen te rijden met mijn 2 vrienden Yves en Martin. Intussen verschenen de cijfers van de af te leggen ritten op de site van de organisatie. Dit was de 2de klap! 17623 hoogtemeters in 549,6 km! 2x Everest in 7 dagen in een wel heel korte afstand, caramba!! Dat beloofde een loodzware opdracht te worden en ik was al mijn vriend en teamgenoot kwijt waar ik al schitterende dingen mee had beleefd!

Eens in Panorama aangekomen kregen wij het roadboek van de orga, daar konden we uit opmaken dat het geen gezondheids wandeling zou worden! In tussen hadden we al verschillende mensen leren kennen van verschillende nationaliteiten.

Rit 1 Panorama – K2 Ranch 52,3 km en 2478 m klimmen!

Goed zenuwachtig stond ik en mijn 2 vrienden aan de start. Om 11 uur weerklonk het startschot. Met de opzwepende muziek van AC/DC (Highway to Hell, heel toepasselijk!) gingen we van start. We begonnen met een plaatselijke ronde in Panorama en kregen dan een klim van 10 km voorgeschoteld, waar we 1250 m moesten overwinnen!(12,5% gemiddeld!) Moordend zwaar. Ik geraakte maar niet in m’n ritme en zag af als de beesten. Na deze mokerslag mochten we een singeltrack op van 16 km. Het was intussen beginnen sneeuwen en we bleven tussen de 2250 en 2500 hoog. We passeerden Devils Drop, wat een toepasselijke naam en ik denk dat we ongeveer 6 km gewandeld hebben. Het was of steil naar boven, of omgekeerd. Na dit stuk hadden we het mooie gemiddelde van 5 km per uur over 25 km! Goe bezig. Dan ging het eindelijk bergaf te gaan en konden we vaart maken, hoewel je telkens op je goede moest zijn voor diepe kuilen. Het ging af en toe ook eens steil bergop. Na 43 km mochten we nog eens bergop voor 5 km om dan na een flinke afdaling aan te komen in de K2 Ranch. Dit na 6 uur 45 min. Oef juist binnen tijd. Ikzelf kapot, Yves en Martin fris als een hoentje. Daarna wassen, eten en drinken, de voorstelling volgen van de volgende rit en onze kille tent in.

Rit 2 K2 Ranch – Nipika 73,7 km en 3813 m klimmen!

Dit zou de zwaarste rit worden van de hele week. Om 8 uur werd er gestart en wij stonden in box 3 door mijn slechte prestatie de dag voordien. Het 1ste stuk was goed lopend en we haalden heel wat teams in. Na 38 km was er de 1ste bevoorrading. Tot daar alles goed, maar dan. 1100 hm klimmen in 5 km ( 22% gemiddeld) en er zat hier en daar een stukje bergaf in!! Dit was weer wandelen, kilometers aan een stuk door de Bear Creek. Daarna moesten we rechtsaf, om 300 m naar boven te kruipen. Intussen zag ik verschillende motaars van de organisatie druk bezig. Bleek dat de kopgroep rechtdoor gekropen was in plaats van rechts af te slaan. Je kon de spanning van hun gezicht aflezen. Hoe krijg je zonder brokken een zestigtal renners terug op de juiste track en we waren in Bear Country!!! Dus kon er elk moment een beer opduiken. Dat zou pas ambiance zijn. Wij gelukkig niet verkeerd, maar de hel brak nu echt los. Voor onze mooie ogen hadden ze een singletrack gemaakt waar bijna niemand reed! (buiten Yves en Martin)

Ik waande me op de E 40 aan de afrit Aalst tijdens de spitsuren. We stonden minuten stil mochten nog eens 3 km wandelen op en neer. Daarna een afdaling van 4 km op singletrack aan hetzelfde % als de klim. Opeens zag ik onze Spaanse vriend wezenloos ronddolen zonder fiets. Wat was hier allemaal aan het gebeuren? Zijn broer stond een 100tal meter lager samen met nog een Spaans team en de 2 fietsen. Ik riep naar hem en hij deed teken dat het over was. Knie kapot, zijn we later te weten gekomen. Om ons nog eens te testen mochten we nog eens 700 hm klimmen op singletrack. Eens daarboven dacht ik dat we er eindelijk waren. Maar dan kende ik de Canadezen nog niet. De afdaling die toen volgde was de zwaarste en de meest technische dat ik ooit gedaan heb. Natte boomwortels in overvloed, omgevallen bomen, modder en gladde stenen, steil en ontelbaar keren door hetzelfde reviertje en dit voor 7 km!

Eindelijk de bevoorrading na 60 km, we waren relatief heelhuids uit de Canadese hel gekomen. Martin was de pechvogel van ons. Geplooide schijf, platte band en kap in de scheen. Dan nog 18 km goedlopende wegen, waar we enkele teams uit het wiel reden om dan juist voor de aankomst een fotosessie in te lassen. That crazy Belgian bleu train! Hoorden we hier en daar zeggen. Nog een laatste steile helling en we waren binnen in 9 uur 6 min.

De uitslag werd ‘s avonds geschrapt, daar er teveel mensen verkeerd gereden hadden. Tijdens de voorstelling van de volgende rit klonken de typische Noord Amerikaanse Wahoes en Jahies eerder lauw en hoorde je hier en daar het typische koegeluid (Boe!).

Rit 3 Tijdrit te Nipika van 49 km met 1514 hm.

Tijdrit!? Wij gingen van start in de morgen, daar we in box 3 stonden. Gelukkig voor ons, want het was intussen zomer geworden in de Rockies. We gingen rustig starten. Na 4 km goed lopend terrein hadden we al 3 teams ingehaald, om dan op een single track te komen waar de boomwortels en korte steile hellingen op ons wachten. Dit was weer afzien, maar dit keer was de natuur rondom ons van een ongekende schoonheid. We bleven constant rond de Kootenay River rijden met onwaarschijnlijke zichten. Dit konden we niet laten liggen en we waren precies echte Jappen. Het fototoestel werkte op volle toeren. Toch moesten we altijd geconcentreerd blijven, daar we verschillende malen heel dicht bij de gapende afgrond fietsten. Ook onze dagelijkse portie fiets dragen kon niet ontbreken. We haalden sommige teams wel 5 keer in, om dan terug een fotosessie in te lassen. Die gasten keken nogal op als ze ons voor de zoveelste keer zagen. Na 4 uur 48 min kwamen we binnen gerold. Om dan later in de namiddag van ons 1ste pintje te genieten in de zon, samen met de Copperboys, het andere Belgisch team.’S Avonds werd het routine. Eten, drinken, kijken naar de voorstelling en de tent in, met dit kleine verschil. Mijn matras was kapot. Dat wilden zeggen nog 4 nachten op de grond slapen (Kajiiiiet, typisch Belgische kreet bij pijn!)

Rit 4 Nipika – Whiteswan Lake 109,7 km met 2567 hm

Dit was de langste rit van het hele avontuur. Na een relatieve vlakke aanloop van 14 km hadden we heel wat teams ingehaald. Dan 6 km knal naar boven en dan een afdaling die in een single track uit monde. Dit was zoals gewoonlijk heel technisch en door iemand die voor mij op de sukkel was plooide ik mij pat met een geblokkeerde ketting tot gevolg. Martin bleef kalm en hielp mij uit de nood, terwijl ik het Oostendse woordenboek bovenhaalde. Na een kleine 50 km kwamen we aan bevoorrading 2 aan, daar stond tevens de enige blokhut van de hele rit! We mochten dan door een sterk stromende rivier gaan, waar sommige deelnemers dik in de problemen kwamen. Zo nog een klim van 7 km met een technisch einde en dan zou het moeten lopen als geen ander. 50 km grotendeels bergaf! Na enkele km zagen we een renner op de grond liggen, bijgestaan door zijn teamgenoot en een motaar. De helikopter kwam aangevlogen om hem te evacueren. Dit gaf mij koude rillingen en ik besloot om extra voorzichtig te zijn. Blijkbaar niet voorzichtig genoeg, want op 25 km van het einde kwam ik ook ten val en dit aan een redelijk hoge snelheid (45 km per uur ongeveer!) Eigen schuld dikke bult, veel te dicht op Martin zijn wiel gereden en gelukkig nam ik niemand mee tijdens mijn kennismaking met de Canadese grond. De rechter kant was behoorlijk geschaafd, binnenkant linker knie geraakt en m’n trui kapot. Kon veel erger, dus niet zeuren en verder rijden. Door de adrenaline in m’n lijf reed ik precies wat sneller op het einde en reden zo nog enkele teams uit het wiel op de laatste klim. We waren binnen in een tijd van 7 uur 51 min.

Tijdens de nacht hoorde ik een heel concert van Beethoven, gebracht door snurkers en gatblazers, waar de gelletjes duidelijk effect hadden op hun vertering. Amaai, dat zal sporen nagelaten hebben!

Rit 5 Whiteswan Lake – Elkford 88,5 km en 2147 hm

Het was weer een 15 km relatieve vlakke start, dus inhalen maar. Jammer voor mij bleef dat niet duren en kregen we een klim van 13 km op het menu. Dit keer verloren we bijna geen plaatsen meer en ik voelde me beter. Yves en Martin reden nog altijd met de vingers in de neus, maar het verschil werd ietsje kleiner. Door een misverstand kwam ik als 1ste boven en reed een rustige afdaling, die uit monde op een stuk vals plat. Martin en Yves die boven zaten te wachten mochten daardoor een ferm gat dicht rijden en deden dat met verve! Met verschillende teams in het wiel knalden ze naar beneden om dan op het stuk vals plat ze uit het wiel te rijden. (werd mooi in beeld gebracht bij de voorstelling ’s avonds) Daar keken die gasten van op, maar die 2 zaten daar natuurlijk niet op hun plaats en konden heel wat beter. Dan ging het gestaagd naar boven, zo een 24 km over trapptrails, single tracks en forester roads, weeral wonder mooi. Natuurlijk kon onze dagelijkse draag passage niet ontbreken. (Hier en daar werd smalend Trans Walkies gezegd) Na de bevoorrading was het klets naar boven, 6 km aan een stuk. Daar aangekomen, mochten we een mooie afdaling beginnen. Beginnen zeg wel, dit monde uit op een steil stuk afdaling met grote losse stenen, waar verschillende deelnemers onderuit gingen. Martin plooide er zijn pat en moest voorzichtig het laatste stuk aanvatten. Na 6 uur 43 min kwamen we binnen. Daarna konden we bij Rocky (inwoner van Elkford en geene gewoone) thuis z’n telefoon gebruiken, om zo eindelijk het thuisfront te horen. Dit deed deugt, ware het niet dat er slecht nieuws tussen zat. Erik zijn kwetsuur was erger dan eerst gedacht en ook het 2de deel van z’n reis, die hij samen met vrouwlief Marleen geplant had, viel in duigen. Machteloos en triest kroop ik in m’n tent, verdomme dat verdiende m’n maker zeker niet!

Rit 6 Elkford – Crowsnest Pass 102,4 km en 2998 hm

Het was intussen hoogzomer geworden en we mochten voor te beginnen 3 km klimmen op asfalt. Tot mijn verwondering reed ik een hoger tempo dan de meeste teams die bij ons reden. Eens boven mochten we weer eens de single track op om dan langs forester roads de 1ste bevoorraadig tegen te komen. Dan een klim van 17 km in zeer stoffige omstandigheden. Tot mijn grote verbazing reed ik teams uit het wiel die ver voor ons stonden. Op het laatste van de klim kon ik na een draag passage terug fietsen waar de Nederlandse collega’s te voet moesten. Dat voelde zo goed aan, dat ik waarschijnlijk iets te enthousiast werd. Na nog een zwaar stuk van 20 km, waar de fiets hier en daar in de nek belande om hem te dragen, kwamen we op een stuk vals plat. Daar kreeg ik een patat op m’n smoel dat het niet mooi meer was. Martin had het gezien en nam resoluut de kop om me uit wind te zetten. De zon brandde intussen keihard, het was boven de 35° geworden. Op het stuk erna, vals plat naar beneden kon ik het niet laten om door te trekken. Grote molen en vlammen maar met enkele teams in het wiel, die enorm dankbaar waren. Dit was pure zelfmoord, want er kwamen nog 3 klimmetjes, eigenlijk 3 gedrochten aan. Telkens 2 a 3 km lang maar enorm steil en vlak in de zon. Ik begon langzaam maar zeker helemaal leeg te lopen. In de laatste afdaling, zag ik door de felle zon en de daarop volgende schaduw, geen steek meer. Het was op tot op de bodem! Toen we weer eventjes naar boven mochten gaan, volgde een explosie van frustratie. Oostends woordenboek werd opengetrokken en een serenade van vloeken en dergelijke weergalmden door de Rockies.

Martin en Yves bleven de kalmte bewaren en straalde dat ook uit naar mij toe en 1 min later was het over. Snel naar binnen, waar we een tijd klokten van 8 uur 32 min.

Rit 7 Crowsnest Pass – Fernie 78,8 km en 2101 hm

De laatste rit was aangebroken. Opnieuw stonden we tussen een bont internationaal gezelschap, waar we intussen een goede band mee hadden. Voor de laatste keer knalde AC/DC met Highway to Hell door de boxen. We hadden afgesproken om zeker geen risico’s te nemen. Dit keer zat het dragen van de fiets in het begin. De eerste 13 km was het op en af de fiets om de steile stukken te bedwingen. Daarna was het parcours een beetje vriendelijker voor fiets en deelnemer, alhoewel er hier en daar toch nog een venijnige helling in zat . Na een klim van 15 km, hadden we 55 km afgelegd. Nog een duwtje in de bakkende zon. Martin z’n pat was intussen weeral geraakt, door een valpartij, veroorzaakt door een andere deelnemer. Yves had intussen miserie met z’n zadel, die telkens weer los kwam. Na 70 km was het zover, de laatste klim. 3 km lang en boven de 10% en dan nog eens in de brandende zon. Het zweet droop langs alle kanten van me af. Eindelijk boven, oef, nu nog een afdaling. Dit was op single track natuurlijk. 5 km heel geconcentreerd tussen de bomen rijden, met hier en daar nog een stukje bergop. Na 6 uur 02 min kwamen we binnen op een 44 plaats in het klassement over de 7 dagen. Heel opgelucht dat we dit onvoorstelbaar avontuur tot een goed einde hadden gebracht! Dan begon de sleur, inpakken, naar hotel gaan, wassen en dan naar het feest. Daar was ik op mijn terrein! De Copperboys (Axel en Gert) hadden hun demarrage te vroeg ingezet en vielen rond 9 uur volledig stil. (tong volledig opgezwollen en moeilijk verstaanbaar) Yves was de 2de afvaller. Martin en ik bleven onze kleuren hard verdedigen en haalden probleemloos het podium (blijven tot het gedaan is en niet plooien!) Juist op tijd hebben we de tent verlaten, want anders zouden we wel eens in de organisatie zijn opgenomen. (die lieten ook alle teugels los). Nog 2 nachtjes Canada en dan nog een verre terugreis. Met een ferme jetlag kwamen we aan in Zaventem en met een verkoudheid voor mij erboven op.

Woordje van dank.

Eerst en vooral wil ik Erik en Marleen, mijn vrouw Doris en m’n dochters bedanken.

Erik, voor alles wat hij gedaan heeft, om het voor mij mogelijk te maken, dit schittert avontuur te mogen beleven (jammer genoeg zonder hem!!!!!) Mijn familie om me zolang van huis te laten weg gaan.

Yves en Martin, die de hele race bij me gebleven zijn, niettegenstaande ze veel beter konden.

Bedankt!!!

Informatie terug te vinden op: www.transrockies.com

Foto’s terug te vinden op www.danhudson.ca door klikken op Trans Rockies.

Dit was het zwaarste dat ik ooit gereden heb, maar tevens ook het mooiste qua natuur en de Canadezen zijn 1 van de vriendelijkste volkeren die ik ooit tegen gekomen ben.

Grizzly Danny

Uitgelichte berichten
Recente berichten